Drie niet te missen bezienswaardigheden in Timor

Drie niet te missen bezienswaardigheden in Timor

Timor is een klein Indonesisch eiland dat verdeeld is in twee delen. Oost-Timor is een onafhankelijke staat en West-Timor is een Indonesische provincie. De naam Timor komt van het Maleisische woord timur, wat het oosten betekent. Niet geheel toevallig dus dat Timor aan het meest oostelijke deel van de ketting van eilanden ligt.

Het vrij onbekende eiland is een verborgen pareltje met een veelzijdigheid aan culturen, witte zandstranden en ruige natuur. Indonesië wekt beelden op van tropische jungle en kleurige bloemen, maar Timor lijkt een compleet andere wereld te zijn. De open vlaktes, verlaten stranden en onaangeraakte lokale dorpen zorgen voor een geheel unieke sfeer.

Als je Timor wilt ontdekken, is het dus aangeraden om de lokale cultuur te leren kennen op een authentieke manier. Hoe je dat het beste kan doen, vatten we samen in drie culturele bezienswaardigheden op Timor die zeker de moeite waard zijn.

 

Bezoek aan een sasando maker

Net buiten Kupang is er een atelier waar sasando’s gemaakt worden. We werden er uitgenodigd om meer te weten te komen over het traditionele instrument, het werd een bijzondere ontmoeting waar we leuke herinneringen aan over hebben gehouden. Een sasando is een traditioneel muziekinstrument uit de regio Oost-Nusa Tengara en het lijkt een beetje op een ronde harp. De sasando kent haar oorsprong op het eiland Rote, ten zuidwesten van Timor, waar het instrument al sinds de 7e eeuw bespeeld wordt. Als je een sasando bekijkt, zie je dat de snaren van de harp half omkapseld worden door een soort waaier gemaakt van bladeren van de Lontarpalm. Wanneer de muzikant die waaier openvouwt, verspreidt de klank zich mooi en dient het als een soort geluidsversterker.


De sasando die in het atelier stond, was echter verbonden met een aparte geluidsversterker en werd gebruikt voor concerten in Indonesië en ver daarbuiten. Traditionele instrumenten hoeven niet altijd traditionele muziek te spelen.
Onze gastheer die ons meer uitleg gaf over het instrument bleek al vaak op uitnodiging naar Europa en Amerika afgereisd te zijn om de sasando te bespelen. Hoewel hij vaak speelde op concerten waar traditionele instrumenten centraal stonden, was hij niet onbekend met deuntjes die ons bekend in de oren klonken. Toen hij ons trakteerde op een kort concertje, kwam zijn ervaring met een westers publiek aan het licht: naast traditionele muziek, passeerden ook klassiekers van John Lennon, Elvis Presley en Michael Jackson de revue.
Na het kleine privé optreden, mochten we ook eens proberen de snaren van de sasando te beroeren. Dat bleek allesbehalve gemakkelijk te zijn. De muzikant beaamde dit en gaf toe dat het hem veel oefening en doorzettingsvermogen had gekost om de kunst van het sasando spelen onder de knie te krijgen. We sloten het bezoek af met een leuke groepsfoto om deze speciale ontmoeting te vereeuwigen.

 

Weven als deel van de cultuur

In Timor maakt weven een belangrijk deel van de cultuur uit. Het is er één van de belangrijkste activiteiten en met traditionele weeftechnieken, lokale materialen en natuurlijke kleurstoffen maken ze de mooiste creaties. Elk dorp lijkt een eigen type weefsel te verkiezen, met eigen weeftechnieken, kleuren en patronen. De sarong vertelt nog steeds een verhaal over de streek waarin ze gedragen wordt. De patronen en kleuren kunnen verwijzingen bevatten naar de geboortestreek, familie en tradities van de drager. Bijvoorbeeld bij de Antoni, de grootste bevolkingsgroep van West-Timor, draagt men vaak rood. De kleur symboliseert de eeuwenoude tradities van oorlog, moed en koppensnellen, wat gelukkig niet meer aan de orde is. Een ander symbool is de hagedis, “teke” of “kuna” genoemd, waarvan de betekenis een reden tot discussie kan zijn. Hier wordt vooral de ikat-weeftechniek gebruikt om motieven te maken, waarbij stukken afgebonden of bedekt worden met was en daarna geverfd worden. Ook het verven van de textielen gebeurt op een authentieke wijze met kurkuma, indigo en zelfs modder als kleurstoffen.

(afbeelding: Threadsoflife.com)

Mannen in Oost-Timor dragen een sarong om het middel die wordt opgehouden met een andere geweven band en over de schouder dragen ze een selimut. Op feesten en speciale gelegenheden komt hier zelfs nog een doek bij en dragen de vrouwen ook twee sarongs over elkaar. Behalve de onder-sarong van vrouwen, worden al deze mooie creaties traditioneel met de hand geweven, het verbaast dus niet dat dit een hoofdactiviteit is hier, voor de vrouwen weliswaar. Aanstaande bruiden moeten een sarong maken voor hun verloofde en eenmaal getrouwd, blijven ze dit doen voor hun echtgenoten. Daarnaast wordt er veel geweven om op de markt te verkopen.

Threads of Life is een organisatie die instaat voor het beschermen van de weefkunst en lokale coöperaties ondersteunt. Ze werken samen met enkele vrouwenorganisaties in Timor door ze te helpen bij het weven en ze bieden hun werk aan in een mooie winkel in Ubud. Als je naast Timor ook Bali bezoekt, stap dan zeker eens binnen in de Threads of Life winkel in Ubud!

 

Boti

Eén van de hoogtepunten naar de reis door Timor was het dorp Boti bezoeken. Boti wordt vaak beschreven als één van de meest traditionele dorpen van West-Timor en ligt behoorlijk afgelegen. Het is dankzij deze geografische isolatie dat ze hun eigen gebruiken en cultuur zo goed in stand hebben kunnen houden, maar het wil ook zeggen dat je er wat voor over moet hebben om het dorp te bezoeken. Het is echter zeker de moeite waard, want wanneer je er aankomt, wordt je hartelijk begroet door de inwoners van Boti. Ze zijn steeds bereid je meer te leren over hun leven in het dorp. Het meest uitzonderlijke aan de levenswijze in Boti is hoe ze hun week indelen. Een week telt negen dagen in plaats van zeven en elke dag heeft een eigen betekenis. Op dag 1 moet men voorzichtig omspringen met vuur, op dag 2 met water en op dag 3 met ijzer. De vierde dag vereren ze de god van aarde en hemel en op dag vijf spendeert iedereen aandacht aan een goede onderlinge communicatie. Dag zes is de dag om iets te ondernemen, dag zeven staat het geluk van het gezin centraal en dag acht is voor de kinderen. De negende en laatste dag van de week is een rustdag en heeft de “kepala suku”, een soort koning, het voor het zeggen. Deze koning is gelijkwaardig aan de andere leden van Boti en werkt mee op het veld. Ze leven er namelijk van de landbouw, met name van bananen, maïs, papaya, pompoen en kokosnoten.
De traditie van het weven leeft ook hier verder en zo zijn er nog vele specifieke gewoontes die ze hier behouden. Een bezoek aan Boti vormt een geweldige gelegenheid om kennis te maken met de ongelofelijke vriendelijke bevolking van Timor en om bij te leren over hoe een hechte gemeenschap als deze hun interessante tradities in stand houdt in een wereld die steeds moderner wordt.

 

Volg Jalan en blijf op de hoogte van het nieuwe aanbod aan gespecialiseerde reizen.