Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

West-Papua (het Indonesische deel van het eiland Papua-Nieuw-Guinea) behoort tot de meest intrigerende gebieden ter wereld. Je betreedt hier het minst ontgonnen gebied van Indonesië. Het hoogtepunt van de reis naar West-Papua is het bezoek aan de Baliemvallei. Door de geïsoleerde ligging hebben de bewoners, de Dani en de Yali, verwant met de aboriginals, hun traditionele gebruiken goed weten te behouden. Velen van hen lijken nog in het stenen tijdperk te leven. De Westerse beschaving rukt echter op en het risico bestaat dat ook deze samenleving stilaan zal opgenomen worden in de vaart der volkeren... Wij vragen dan ook met aandrang om deze vriendelijke volkeren en hun cultuur met het grootste respect te behandelen.

Jayapura

Jayapura is de hoofdstad van de Indonesische provincie Papua (of het westelijke deel van het eiland Papua-Nieuw-Guinea). Deze kleine stad werd gesticht in 1910 door de Nederlanders en heette toen Hollandia. Even ten oosten van Jayapura ligt Hamadi, waar een interessante lokale markt is. Op het strand liggen een aantal landingsvaartuigen uit de Tweede Wereldoorlog weg te roesten.
Tussen Jayapura en Sentani, in Abepura, liggen een aantal heel interessante musea. Eén daarvan is het antropologische Gedung Loka Budaya Museum, op het terrein van de Cenderawasih Universiteit. Het biedt een prachtige collectie van voorwerpen uit de verschillende culturen van West-Papua en oude foto’s over de ontdekking ervan.

Sentani

Sentani is gekend om de luchthaven maar vooral om het prachtige Sentanimeer, met een oppervlakte van 148.000 kilometer en omringd door schilderachtige heuvels. In het meer liggen negentien eilanden. Daarop zijn ook een aantal kleine vissersdorpjes gelegen. De vissers zijn hier al generaties lang aanwezig. De beste manier om het meer en de omliggende gebieden te bezoeken is per boot. De inwoners zijn bekend vanwege hun schilderijen op boombast.
Het MacArthurmonument staat op de plek waar de generaal zijn strategieën uitdacht in de Tweede Wereldoorlog. Het monument zelf stelt niet erg veel voor maar biedt wel een van de mooiste uitzichten over het Sentanimeer.

Baliemvallei

De Baliemvallei is de grootste vallei van Papua. Ze werd pas in 1938 ontdekt door een Amerikaanse onderzoeker. De stammen van deze vallei leefden daarvoor helemaal afgezonderd van de rest van de wereld.
Er zijn geen wegen van de kust naar de Baliemvallei. Je kan hier enkel naartoe per vliegtuig. Wamena is het enige ‘stadje’. De mensen hebben hier al heel wat westerse gewoontes aangenomen. Maar je zal toch geregeld tot je verrassing oudere mannen met enkel peniskokers en eventueel de traditionele veren in het haar tussen hun geklede medemensen zien lopen. De Baliemvallei wordt bewoond door drie lokale stammen: de Dani in het centrum, de Lani in het westen en de Yali in het zuidoosten. Ze leven voornamelijk van de landbouw en verbouwen o.a. zoete aardappelen. Elke stam heeft zijn eigen cultuur en onderscheidt zich van de andere door o.a. lichaamsbeschilderingen en de grootte en dikte van de peniskoker. Je zal ontdekken waarom vrouwen soms met afgehakte vingerkootjes rondlopen en witte klei op hun gezicht smeren. Je komt ook te weten waarom mannen zich insmeren met varkensvet en houtskool. Sommigen zien er echt gevaarlijk uit, met zwijnenslagtanden door hun neus geboord. Maar schijn bedriegt: dit is een uiterst vriendelijk en zachtaardig volk. Ze doen niets liever dan heel lang je hand schudden en kennismaken met rare snuiters uit Europa.

← Naar het overzicht van de bestemmingen