Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

Ingesloten tussen Thailand, China, Vietnam en Cambodja lijkt Laos niet echt een uitgesproken identiteit te hebben. Maar na je bezoek heb je daar gegarandeerd een ander idee over. Dit is een land dat moet ontdekt worden. Het biedt je een spectaculaire en quasi maagdelijke natuur, een verrassend rijke cultuur, een warme bevolking en een originele keuken. Kortom: een overvloed aan authenticiteit.

Muang Sing

Muang Sing was begin/midden de twintigste eeuw een belangrijk handelscentrum van opium. Het ligt in het bergachtige uiterste noordwesten van Laos, nabij de Chinese grens en ook vlakbij de gouden driehoek (drielandenpunt Thailand/Laos/Myanmar). De schitterende natuur rond Muang Sing leent zich uitstekend voor korte of langere wandel- of fietstochten. In de stad en de streek errond leven verschillende etnische minderheden vreedzaam door elkaar terwijl ze hun eigen typische tradities en dorpsleven bewaren.

Luang Namtha

Luang Namtha ligt in het noordwesten van Laos, dicht bij de Chinese grens. Het is misschien wel één van de meest onderschatte bestemmingen in Laos. Hoewel de stad zelf op toeristisch vlak niet heel veel te bieden heeft, is het een perfecte uitvalsbasis voor de ontdekking van de prachtige natuur (zoals het nationaal park Nam Ha) en de volkeren van Noord-Laos.

Muang La

Nog zo’n klein paradijsje in de bergen van Noord-Laos. Je kan er een paar dagen in volle rust doorbrengen tussen klaterende bergrivieren, of (actiever) fietsen of wandelen tussen bergen en rijstvelden, waarbij je verbluffende uitzichten en traditionele dorpen ontdekt. In de rivier kan je de lokale bevolking nog zien speervissen.

Nong Khiaw

Nong Khiaw, op de Nam Ou rivier, is gezegend met een fantastisch natuurlijk decor. Reusachtige ronde en beboste kalkrotsen vormen twee muren waartussen de rivier zich wringt en die het geluid van daarbuiten weghoudt. Naast het kabbelende water, hoor je nauwelijks meer dan het gezang van honderden vogels. Niet te missen: de zonsondergang op de oude brug.

Luang Prabang

Luang Prabang, de vroegere koningshoofdstad van Laos, heeft zijn naam 'parel van de Mekong' zeker verdiend. Deze unieke, opvallend goed bewaard gebleven historische stad herbergt heel wat architecturale schatten, zowel uit de boeddhistische als de koloniale traditie. Het oude centrum ligt op een soort schiereiland waar de Nam Khan rivier in de Mekong meandert. Hier vind je genoeg pracht om je een paar dagen te verwonderen. Het is er opvallend rustig en 'laid back', er zijn veel leuke restaurantjes en een boeiende nachtmarkt.

De 'vlakte der kruiken'

Tussen Luang Prabang en Vientiane vind je de mysterieuze Vlakte der Kruiken ('Plain of Jars'). Honderden stenen ‘recipiënten’ liggen er verspreid over een immense vlakte. Niemand weet waarvoor deze schijnbaar uitgeholde rotsen ooit hebben gediend: als graven, als bewaarplaats voor eten of andere schatten? Gek genoeg heeft het (ver daarvandaan gelegen) Noord-Sulawesi een vergelijkbaar fenomeen: in de Bada- en Besoavalleien liggen er soortgelijke ‘kruiken’ zij het in dit geval soms met ‘deksel’.

Vientiane

De bescheiden (250.000 inwoners) hoofdstad van Laos is mooi gelegen aan de Mekongrivier. Het is een rustige, gezellige stad met mooie tempels en andere boeddhistische monumenten. Ook de invloed van de Franse kolonisator is duidelijk merkbaar. De stad is perfect om te voet te verkennen. Er is een levendige nachtmarkt en een goed aanbod aan cafés en restaurants met zowel Laotiaanse als Franse schotels.

Pakse

Deze Zuid-Laotiaanse stad aan de Mekong is de derde grootste van het land. In de drukke stad vind je nog veel gebouwen uit de tijd van de Franse koloniale overheersing. De stad is vooral een toegangspoort tot het Bolaven plateau of het uiterste zuiden van Laos (de 4000 eilanden of de Wat Phou tempel).

Bolaven Plateau

Het Bolaven Plateau is een hooggelegen gebied (tussen de 1000 en 1400 meter) in Zuid-Laos, bij de stad Pakse. Het wordt ook wel 'de graanschuur van Laos' genoemd. Door de hoge ligging heeft dit gebied een zeer vruchtbaar en voor de bezoeker verkoelend klimaat. De prachtige natuur van het plateau is bezaaid met kleine authentieke landbouwdorpjes. Je kan een bezoekje brengen aan één van de vele kleurrijke markten. Niet te missen zijn de indrukwekkende watervallen die zich vanop grote hoogte in de diepte storten tussen het weelderige groen.

Champassak

Tot 1945 was deze plaats ook de hoofdstad van het koninkrijk Champassak, dat door de Fransen in dat jaar werd opgeheven en opgenomen in het koninkrijk Laos. De oude Franse koloniale gebouwen zijn een stille getuige van de welvaart van weleer. Vandaag is Champassak een rustig stadje aan de Mekong waar het leuk vertoeven is. In de smalle straten delen de weinige voertuigen de straat met koeien en buffels. De stad is de uitvalsbasis voor een bezoekje aan de Pre-Angkoriaanse tempel What Phou. Tegenover het stadje ligt het eiland Don Daeng dat je ook van hieruit kan bezoeken.

Si Phan Don

Si Phan Don, ofwel ‘de 4000 eilanden' is een waterwereld in het uiterste Zuiden van Laos, tegen de Cambodjaanse grens aan. Hier verbreedt de Mekong dramatisch tot een soort binnenlandse delta met ontelbare rivierarmen, die zich nadien in Cambodja zullen hergroeperen. In deze delta liggen massa's eilanden waarvan Don Khong, Don Det en Don Khone de belangrijkste zijn. Deze zijn ook permanent bewoond, terwijl een groot deel van de andere eilanden tijdens het regenseizoen volledig onder water liggen.

Wat Phou

Wat Phou is een pre-Angkoriaans tempelcomplex, gebouwd in de 10e eeuw op een toen al sacrale plek. Het was de hoofdstad van het toenmalige uitgestrekte Khmer-Lao-rijk dat zich over Cambodja en Laos uitstrekte. Je vindt er nog de overblijfselen van een later gebouwde weg naar Angkor. In de 11e eeuw werd de tempel omgebouwd naar een Theravada-boeddhistische tempel. Op deze prachtig tegen het hooggebergte gelegen site, deels overwoekerd door jungle, vind je overblijfselen uit verschillende tijdperken. Het museum is ook een bezoek meer dan waard.

Don Khone

Dit met palmbomen bezaaide eilandje ligt in het zuiden van Si Phan Don (4000 eilanden). Het was ook de zuidelijkste post van de Franse koloniale overheerser in Laos, vlakbij de plaats waar de Mekong onbevaarbaar wordt door de watervallen op de grens met Cambodja. Het heeft iets van het einde van de wereld, onder meer door de zalige rust die er heerst bij de rivier. Je kan er de oude Franse spoorweg zien, gebouwd om de watervallen op de Mekong te omzeilen. Deze waren een onoverkomelijke hinderpaal voor de handelsroute op de Mekong. Een wandeling bij en over de oude spoorwegbrug die de eilanden Khone en Det verbindt is een must.
Je kan het eiland makkelijk per fiets ontdekken (overal zijn fietsen te huur voor weinig geld) en een bezoekje brengen aan de kleine lokale winkeltjes.

Ban Khiet Ngong

Dit kleine stadje is de toegangspoort naar het natuurpark van Xe Pian. Het draagt ecotoerisme hoog in het vaandel. De inkomsten van toerisme worden er in de ontwikkeling van het stadje gestopt. Een rit op de olifant naar de Phou Asa berg maakt deel uit van dit project. Op deze verlaten heuvel heb je een panoramisch zicht over de hele regio en zie je de overblijfselen van één van de belangrijkste tempels die de regio heeft gekend. Dankzij deze uitstapjes kunnen de dorpelingen hun olifanten hier in hun natuurlijke omgeving houden in plaats van ze te moeten verkopen.

← Naar het overzicht van de bestemmingen