Arusha is de op twee na grootste stad van Tanzania. Vlakbij de stad ligt de internationale luchthaven Kilimanjaro International Airport. Het ligt op de oostelijke rand van de Grote Riftvallei aan de voet van de Meruberg, niet ver van de Serengetivlakte, de Ngorongorokrater, het Manyarameer, de Olduvaikloof en het Kilimanjaro Nationaal Park. De hoofdstad is bekend als de ‘safari-hoofdstad' van Tanzania. In de stad bevinden zich enkele historische monumenten, maar laat je er vooral onderdompelen in het drukke en meeslepende straatleven. Vooral de markten zijn zeker een bezoekje waard.
De Ngorongoro-krater is de grootste intacte caldera (ingestorte vulkaankegel) ter wereld. Hij bevindt zich ten noordwesten van Arusha op 2200 meter boven de zeespiegel. Er zijn verschillende klimaatzones in de krater en er leven naar schatting 30.000 grotere zoogdieren. Daarmee is dit één van de dichtstbevolkte wildgebieden ter wereld. Het wordt ook wel 'Tuin van Eden' of 'Paradijs op Aarde' genoemd. De Ngorongoro krater maakt deel uit van het Serengeti-natuurreservaat en staat op de UNESCO-lijst als werelderfgoed sinds 1979. Bijna alle grote Afrikaanse dieren komen voor in de krater: zebra's, gnoes, zwarte neushoorns, olifanten, leeuwen, jachtluipaarden en nijlpaarden. Een opvallende afwezige is de giraf: door zijn lange nek en lange poten kan deze de steile afdaling naar de bodem van de krater niet maken. Dagelijks dalen de Masaï met hun kuddes koeien af in de krater om deze te laten drinken. De 40.000 Masaï zijn als enigen bevoegd zich zonder voertuig in de krater te bevinden.
Tarangire NP ontleent zijn naam aan de rivier die zich een weg baant door het gebied en die zorgt voor een permanente beschikbaarheid van water. Hierdoor is er een grote diversiteit aan wilde dieren die gedurende het hele jaar in het park blijven: olifanten, leeuwen, elanden, impala's, gazelles, buffels, wildebeesten, zebra's, luipaarden, neushoorns en heel veel verschillende vogelsoorten. Het park herbergt verder ook grote kuddes migratiedieren. Tijdens de droge periode trekken zij vanuit de Masaï Mara naar het zuiden. Het Tarangire National Park is tevens één van de weinige plekken in Tanzania waar je (met veel geluk) wilde honden kunt zien. Het park wordt verder gekenmerkt door een grote hoeveelheid Baobabbomen die honderden jaren oud zijn en die tussen de open, met acacia begroeide, vlaktes groeien.
Het Serengeti National Park is waarschijnlijk het beroemdste wildpark ter wereld. Het is het meest complexe onaangeroerde ecosysteem op aarde (30.000 km²). In de taal van de Masaï, betekent Serengeti "eindeloze vlaktes". Het is inderdaad een uitgestrekt gebied van savannes en kleine bosjes, dat doorloopt in Kenia (Masai Mara NP). Het is de woonplaats van miljoenen wilde dieren, waaronder de zogenoemde 'Big Five': olifanten, neushoorns, leeuwen (ca. 1500), luipaarden en buffels. Zo'n 520 verschillende vogelsoorten spreiden hier hun vleugels.
De streek is beroemd door de migratie die elk jaar plaatsvindt rond oktober, waarbij ongeveer anderhalf miljoen planteneters zich omwille van de droogte verplaatsen vanuit de noordelijke heuvels naar de zuidelijke vlaktes op zoek naar plekken met vers gras en water. Daarbij moeten ze de Mara-rivier oversteken, waar ze opgewacht worden door hun predatoren. Na de regens rond de maand april gaan ze dan terug via een westelijke omweg.
In de Serengeti bevindt zich ook de archeologisch belangrijke Olduvaikloof waar enkele van de oudst bekende menselijke fossielen gevonden zijn.
Esilalei (Masaï dorp) ligt in de riftvallei in de buurt van het Manyarameer. In 1977 werd het gesticht als permanente nederzetting van voorheen nomadische Masaï. Tegenwoordig leven er 500 mensen in ongeveer 50 verschillende Boma's (traditionele Masaï nederzettingen).
Elke Boma heeft zijn eigen vorm en is beschermd tegen wilde dieren door een omheining gemaakt van Acaciatakken. Daarnaast bevindt er zich in het midden van de Boma nog een ander ingesloten terrein dat dient om de koeien te beschermen 's nachts. Ook geiten worden er gehouden. Gemiddeld zijn er vijf tot zes huizen in elke Boma, afhankelijk van het aantal vrouwen. Het dorp leeft grotendeels in synergie met het wildleven errond.
Mwanza is gelegen aan de zuidoever van het Victoriameer. Het is een belangrijk handelscentrum: veel landbouwproducten (o.m. katoen, koffie en thee) worden via Mwanza over het Victoriameer vervoerd naar Kenia en Uganda. Uiteraard speelt ook de visserij een belangrijke rol. Hier vertrekken ook passagiersboten over het Victoriameer. Mwanza is tevens het culturele centrum van de Sukuma, de grootste etnische groep van Tanzania. Sukuma betekent "volk van het noorden" in het Swahili.

